Een libertarische kijk op het voetbalschandaal

Een libertarische kijk op het voetbalschandaal

Het Belgische voetbal heeft één van de meest bewogen weken in zijn geschiedenis achter de rug, en de kans is vrij groot dat we de volgende weken nog meer spektakel te zien gaan krijgen, maar dan helaas niet op de voetbalvelden zelf. Het schandaal dat deze week losbarstte met de arrestatie van onder andere Ivan Leko, spelersmakelaar Mogi Bayat, voormalig Anderlecht-manager Herman Van Holsbeek en twee scheidsrechters heeft twee luiken, enerzijds het luik "match fixing", anderzijds het luik in verband met corruptie gekoppeld aan het systeem van de voetbalmakelaars.

Over het eerste luik gaan we het hier niet hebben. Ik denk dat iedereen het erover eens is dat het vervalsen van wedstrijden - voor welke reden ook - ontoelaatbaar is. Tegelijk is het niet evident om dit soort zaken totaal onmogelijk te maken, hoe streng de reglementering ook is, en die is reeds zeer streng.

Het probleem van de voetbalmakelaars is van een heel andere orde. Wat de voorbije week uit het oog is verloren, is de vraag hoe dit systeem zich heeft kunnen ontwikkelen. In feite is Peter Vandenbempt de enige journalist geweest die zich daar enigszins heeft over uitgelaten.

Wat velen blijkbaar niet begrijpen - ook niet de "sporteconoom" die te gast was op De Afspraak en die niet verder geraakte dan het obligate "het is een gevolg van verregaande deregulering" - is dat dit systeem op een spontane manier te stand is gekomen. Als een systeem of een transactie zich spontaan ontwikkeld, dan komt dat omdat alle betrokken partijen er een voordeel bij hebben (Von Mises 101). En dat was hier het geval.

Zoals Vandenbempt het uitlegt, hebben de makelaars een voetje tussen de deur gekregen, omdat ze de voetbalclubs de kans gaven zich te ontdoen van overtollige spelers. Dat was uiteraard een goede zaak voor de clubs én voor de spelers zelf. Tegelijk konden topclubs op die manier besparen op hun dure scoutingapparaat. Ten slotte konden nijpende problemen op een efficiënte manier worde opgelost. Denk terug aan de wintermercato in 2018. In Anderlecht was Herman Van Holsbeek wanhopig op zoek naar een spits. Enkele uren voor het verstrijken van de transferdeadline sprong de transfer van Mitrovic echter af. Enter Mogi Bayat. 

Bayat loste dat probeem immers snel op voor Anderlecht. Hij had gelukkig nog een Markovic in zijn portefeuille zitten: een blessurgevoelige speler dat wel, maar tegelijk ook een klasbak. Van Holsbeek slaakt een zucht van opluchting. Toch op zijn minst een deeloplossing. Geen wonder dat Bayat een sleutel krijgt van een eigen bureau op Anderlecht (later door Coecke opnieuw terug afgepakt).

Kortom, met het systeem van de makelaars op zich is er niets mis: het is spontaan tot stand gekomen omdat het een oplossing bood voor heel wat problemen van een aantal voetbalclubs. Ook een groot aantal voetballers (én trainers) zijn spontaan gebruik gaan maken van de diensten aangeboden door makelaars. Achteraf kan blijken dat het een verkeerde keuze is geweest: wat Anderlecht bijvoorbeeld betreft, ben ik van mening dat het transferbeleid - zeker aangeaande de inkomende transfers - heel wat beter was vóór het tijdperk van de makelaars, althans op sportief vlak. Maar dat doet niet af dat het een vrijwillige keuze van de clubs en spelers en trainers was.

Moeten we daarom dan pleiten voor een strenger statuut voor makelaars? Neen dus. Laten we wel wezen: de enige reden waarom iedereen nu zo hard zit te roepen voor een hardere aanpak - sporteconomen voorop - is omdat er een derde partij is die zich nu benadeelt voelt. Die partij is de overheid. Bij een (groot?) aantal van de transacties worden immers belastingen ontdoken en zwart geld witgewassen; en dat heeft de overheid uiteraard niet graag. Ja er is nog een andere probleem: dat te veel geld van de transfers in de zakken van de makelaars verdwijnt: maar nogmaals, daar zijn de andere partijen -  spelers en clubs - mee akkoord gegaan, anders zouden de transfers niet plaatsgevonden hebben(Von Mises 101).(1)

De vraag die zich dan ook stelt is deze: moet de Profliga dit systeem - dat zich dus spontaan heeft ontwikkeld omdat alle partijen het wel goed vonden zo - actief gaan tegenwerken en misschien zelfs ontmantelen, omdat de overheid er een probleem mee heeft? Vraagteken. Want geen enkel systeem is fraudeproof - ten tijde van de affaire-Bellemans was er wel sprake van grootschalige fiscale fraude, maar niet van makelaars.

(1) Tenzij er uiteraard sprake was van intimidatie en fysiek geweld, zoals door sommigen wordt beweerd, maar dan waren het geen vrijwillige transacties.